You are here

Feiten en cijfers (Esener)

De Europese bedrijvenenquête naar nieuwe en opkomende risico’s (Esener) van EU-OSHA is een uitgebreide enquête waarbij wordt onderzocht hoe risico's op het gebied van veiligheid en gezondheid op Europese werkplekken worden beheerd.

Vertegenwoordigers van duizenden bedrijven en organisaties uit heel Europa reageren op onze Esener-vragenlijsten, die in het bijzonder gericht zijn op:

  • algemene risico's voor veiligheid en gezondheid op het werk (VGW) en hoe daarmee wordt omgegaan;
  • psychosociale risico's, zoals stress, intimidatie en pesten;
  • bevorderende en belemmerende factoren voor actie in VGW-beheer;
  • werknemersparticipatie op het gebied van veiligheid en gezondheid op het werk.

De enquête uit 2014 is nog gedetailleerder en uitgebreider dan de eerste. De steekproefomvang is de helft groter en in drie landen zijn de nationale steekproeven extra vergroot. Esener-2 heeft voor het eerst ook betrekking op micro-ondernemingen met vijf tot tien werknemers en op landbouwbedrijven.

  • Risicobeoordelingen van de werkplek regelmatig en hoofdzakelijk door eigen personeel uitgevoerd

    Er lijkt een verband te zijn met de omvang van de organisatie: het percentage organisaties waar risicobeoordelingen hoofdzakelijk door eigen personeel worden uitgevoerd, neemt namelijk met de omvang van de organisatie toe.

    Dit zegt niets over de kwaliteit van deze risicobeoordelingen. Alle organisaties zouden echter in principe in staat moeten zijn een elementaire risicobeoordeling door hun eigen personeel te laten verrichten, ervan uitgaande dat de personen die het werk controleren in de beste positie verkeren om de risico's te beheersen.

    Regelmatig uitgevoerde risicobeoordelingen van de werkplek, resultaten per landZoompictogram
  • Regelmatig uitgevoerde risicobeoordelingen van de werkplek

    Uit Esener-2 blijkt dat 77 % van de organisaties in de EU-28 regelmatig risicobeoordelingen uitvoert. Zoals verwacht, is er een positieve correlatie met de omvang van de organisatie.

    De absolute risicobeoordelingswaarden die in Esener-2 worden vermeld, zijn tot op zekere hoogte waarschijnlijk overschattingen. Dit soort 'meetfouten' komt in alle enquêtes voor en bij Esener-2 is er alles aan gedaan om deze fouten tot een minimum te beperken. De methodologie garandeert dat de waarden kunnen worden gebruikt voor zinvolle vergelijkingen tussen landen en voor analyses ten opzichte van andere variabelen. Dit zijn de belangrijkste doelstellingen van de enquête.

    Meer weergeven

    Druk op in-/uitzoomenZoompictogram
  • Redenen waarom risicobeoordelingen niet regelmatig worden uitgevoerd

    De voornaamste redenen waarom risicobeoordelingen niet regelmatig worden uitgevoerd, zijn dat de risico's en de gevaren al bekend zijn (83) en dat er geen grote problemen zijn (80 %).

    Hierbij valt op dat de kleinste ondernemingen minder vaak dan hun grotere tegenhangers aangeven dat de procedure te omslachtig is: 22 % van de organisaties met vijf tot negen werknemers ten opzichte van 31 % van de organisaties met meer dan 250 werknemers.

    Druk op in-/uitzoomenZoompictogram
  • Redenen om veiligheid en gezondheid op het werk aan te pakken

    Van de organisaties in de EU-28 geeft 85 % naleving van een wettelijke verplichting op als belangrijke reden om veiligheid en gezondheid op het werk aan te pakken.

    Er is een geringe positieve correlatie met de omvang van de organisatie. Tussen de verschillende sectoren zijn geen significante verschillen waargenomen. De op een na belangrijkste prikkel om actie op het gebied van VGW te nemen, is het voldoen aan de verwachtingen van werknemers of hun vertegenwoordigers (79 %).

    Druk op in-/uitzoomenZoompictogram
  • Grootste moeilijkheden bij het aanpakken van veiligheid en gezondheid op het werk

    Wanneer wordt gekeken naar de resultaten per omvang, lijken de kleinste organisaties, vaker dan hun grotere tegenhangers, de volgende twee factoren op te geven: complexiteit van wettelijke verplichtingen en papierwerk.

    De organisaties met de grootste omvang noemen daarentegen vooral het gebrek aan bewustzijn, zowel bij het personeel als bij de directie. Dit is een interessante bevinding, aangezien hieruit op te maken valt dat een positieve veiligheidscultuur of een positief veiligheidsklimaat moeilijker te beheren kan zijn naarmate de omvang van de organisatie toeneemt.

    Druk op in-/uitzoomenZoompictogram
  • Aanwezige risicofactoren in de vestiging

    De meest genoemde risicofactoren zijn het moeten omgaan met lastige klanten, leerlingen of patiënten (58 % van de organisaties in de EU-28), gevolgd door vermoeiende of pijnlijke houdingen (56 %) en repeterende bewegingen van de hand of arm (52 %).

    In de huidige context van maatschappelijke veranderingen vormen de bevindingen van Esener-2 een afspiegeling van de aanhoudende groei van de dienstensector.

    Druk op in-/uitzoomenZoompictogram
  • De twee vaakst gemelde risicofactoren

    Het risico op ongevallen met machines of handgereedschappen is de vaakst gemelde risicofactor in de sectoren bouwnijverheid, afvalbeheer, water- en elektriciteitsvoorziening (82 % van de organisaties in deze sectoren in de EU-28), de sectoren landbouw, bosbouw en visserij (78 %) en de productiesector (77 %).

    Moeten omgaan met lastige klanten, patiënten, leerlingen enzovoorts is de meest voorkomende risicofactor in de sectoren onderwijs, gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening (75 %) en de sectoren handel, vervoer, horeca en recreatie (62 %).

    Druk op in-/uitzoomenZoompictogram